Meneer, hebt u iets tegen protestanten?

Zoals elk jaar leerden de 6de jaars in onze klas over de protestantse revolutie. Dit jaar misschien zelfs met extra aandacht omdat het 500 jaar geleden is dat Martin Luther zijn beruchte stellingen aan de slotkapel van Wittenberg timmerde. In deze lessen bekijken we natuurlijk de oorzaken van deze opstand. Heel wat protestantse opwerpingen tegen de problemen in de Kerk waren soms terecht, zoals het ontbreken van een degelijke priesteropleiding en de manier waarom sommige geestelijken met aflaten omgingen, ook binnenkerkelijk leefde dit besef. Daarnaast besprak ik met de leerlingen ook de manier waarop de protestanten deze problemen benaderde en hoe ze daarna ook theologisch helemaal afdwaalden. Ik vond het belangrijk dat de leerlingen kritisch leerden zijn tegenover het gedrag van sommige geestelijken in de Kerk, maar net zo goed tegenover de manier waarop protestanten hiermee om zijn gegaan, want dat laatste wordt soms wel eens overgeslagen.

Daarmee had ik toch een bepaalde indruk gewekt bij de leerlingen, waarvan er eentje, mondig als ze zijn, me vroeg of ik eigenlijk ‘iets’ had tegen protestanten. Mijn kritische benadering had blijkbaar de indruk gewekt dat ik een soort van haat tegenover protestanten zou koesteren, wat natuurlijk niet erg christelijk zou zijn. Ook daarop werd ik aangesproken. Eigenlijk was ik zeer blij dat deze leerling zijn indruk ter sprake bracht. Het legt iets bloot dat ook maatschappelijk lijkt te leven: het idee dat als je kritisch bent over een bepaald gedrag of handeling, je ook de persoon in kwestie afkeurt. Dat was hier het geval bij de protestantse opstand, maar het gebeurd bijvoorbeeld ook bij discussies over het het zogenaamde homo-huwelijk of abortus. Wie vragen stelt bij bepaalde levenskeuzes, zou daarmee ook de mensen die er in verwikkeld zitten, veroordelen.

Niets is minder waar natuurlijk. In een eerste poging vergeleek het met de leerling zelf. ‘Kijk Chaima, ik vind je echt een fijne leerling, maar ik vind het niet fijn als je bijvoorbeeld zou roepen in mijn les’. Er is dus een verschil tussen hoe ik jou als persoon waardeer en hoe ik een bepaald gedrag dat je vertoont waardeer. Op dezelfde manier ga ik als katholiek ook om met protestanten als persoon en het protestantisme zelf.’ Met deze benadering waren ze toch helemaal niet overtuigd, zeker nadat ik me een beetje had opgeboeid in katholieken die 500 jaar ‘reformatie’ vierden. Daar stond ik dan als leerkracht met al mijn goede bedoelingen een beetje vastgenageld als een papiertje met 95 stellingen. Gelukkig kreeg ik tijdig een ingeving en probeerde ik het op een andere manier. Dit keer met de parabel van de verloren zoon.

‘De Kerk neemt hier de plaats in van de goede vader, die zijn zoon liefheeft en verlangt naar zijn thuiskomst, al heeft zijn zoon hem verlaten. Net als de vader keurt de Kerk niet alles goed wat de zoon gedaan heeft of is ze het niet eens met de richting die de protestanten zijn uit gegaan, maar net zo goed keert ze zich niet af van de protestanten, maar kijkt ze hoopvol uit naar hun terugkomst, om zoals Jezus het zegt ‘allen één te zijn’. Een liefdevolle vader zou toch niet het vertrek van zijn zoon vieren, maar wel zijn terugkomst en dat was dus wat ik bedoelde.’

Het begon de leerlingen duidelijk te worden. ‘Ik heb dat soms ook met mijn broer’ zei al snel een van de meisjes. ‘Ik ook, maar dan met mijn vriendje’ zei een andere. Er gaat dan ook een ontegensprekelijke universele kracht uit van de parabel van de verloren zoon. Er vloeide snel mooie gespreken uit voort, over liefde die breuken en fouten overstijgen in relaties met vriendjes, ouders en familie.  Al even snel kwam spijtig genoeg ook het belsignaal en de leerlingen verlieten de klas om naar huis te gaan. Moe maar voldaan ging ook ik op pad, uitkijkend naar hun terugkeer.

 

Advertenties

Bestaat de Duivel echt?

Melissa H., leerling 6 verzorging, BSO

De Duivel, ook wel Lucifer, Satan of nog anders genoemd, speelt geen onbelangrijke rol in het christendom, het is dus wel goed om te weten of hij nu wel of niet echt bestaat.picture-6

In tegenstelling tot wat beweerd wordt, moeten we Satan zeker niet enkel als symbool zien van het kwaad, maar is hij een bestaande entiteit. De Duivel bestaat en wil ons kwaad doen, dat heeft ook Paus Franciscus al meermaals gezegd. In een homilie op 30 oktober 2014 zei hij bijvoorbeeld nog:

” Deze generatie en vele anderen, geloven dat de duivel een mythe is, een figuur, een idee, het idee van het kwaad, maar de Duivel is echt en we moeten hem bestrijden”.

Ook toen hij nog kardinaal was in 2010 zei hij:

“Ik geloof dat de Duivel bestaat en zijn grootste overwinning in deze tijd is dat hij ons heeft doen geloven dat hij niet echt is.”

De paus is natuurlijk niet de enige die Satan als een werkelijkheid beschouwd, ook andere kerkgeleerden uit de gehele geschiedenis en niet te vergeten Christus zelf, spreken over de duivel als een realiteit. Het bestaan van de Duivel is dan ook een onderdeel van de katholieke leer.

Als de Duivel bestaat, waar komt hij dan vandaan en hoe ziet hij eruit? In de tekeningen die we van de duivel zien heeft hij vaak horens en bokkenpoten. Deze manier van afbeelden is afgeleid van Pan, een figuur uit de Griekse Mythologie. Hij was ondermeer de god van het woud en van de dierlijke instincten. In de bossen zou hij heel wat mensen en dieren angst hebben aangejaagd. Het woord pan-iek zou hierop bijvoorbeeld gebaseerd zijn. Dat de Duivel heel wat mensen, net zoals Pan angst inboezemt, zou een verklaring kunnen zijn dat hij met dezelfde kenmerken wordt afgebeeld, maar dat is slechts een van de vele verklaringen. Vaak zien we hem ook met een drietand en ook dit symbool is aan Griekse goden ontleend. Zowel Zeus, Poseidon, maar misschien belangrijker ook Hades, de god van de onderwereld (hel) werden met met dit attribuut afgebeeld. De duivel wordt trouwens ook nog op heel wat andere manieren afgebeeld, de ene al wat angstaanjagender dan de andere. Dat terwijl eigenlijk elke afbeelding van de duivel op voorhand al onjuist is omwille van het simpele feit dat hij geen lichaam en dus ook geen uiterlijk heeft.

In de schoolcatechismus, die vooral bij onze grootouders bekend zal zijn, kon je lezen dat de Duivel oorspronkelijk een engel was, meer bepaald de engel van het licht, “Lucifer” genaamd. Hij heeft dus niet echt een lichaam (ook nu niet), maar is net zoals de andere engelen een geest, zonder lichaam.

duivel

Natuurlijk is hij geen goede engel gebleven, hij kwam in opstand tegen God, samen met één derde van alle engelen. Deze werden demonen, slechte engelen met andere woorden. De reden van hun opstand is minder gekend, maar sommige theologen vermoeden dat de Duivel het niet kon verkroppen dat God de mens zou gaan scheppen en hen lief zou hebben, meer nog, dat Hij ook mens wilde worden in Christus om ons te redden. Dat zou dan met zich meebrengen dat de engelen voor de mens zouden moeten buigen. Omdat de Duivel de mens als minderwaardig beschouwde kon hij dit niet aanvaarden en kwam hij in opstand. Hij werd echter verslagen en uit de hemel verdreven. Of het daadwerkelijk zo is gelopen is een beetje gissen, maar wat wel vaststaat is dat de Duivel de mens haat. Hij is jaloers op de mens en wil ons kwaad doen, ook dat is in de catechismus te lezen.

43. Trachten de duivelen ons kwaad te doen?

Ja, de duivelen trachten ons kwaad te doen, uit haat tegen God en uit nijd tegen de mensen, vooral door ons tot zonde te bekoren; maar zij kunnen ons niet tot zonde brengen zonder onze vrije toestemming.

De duivel wil ons verleiden tot de zonde omdat hij het niet kan verdragen dat we gelukkig worden. Het liefst van al wil hij ons eeuwig zien lijden, afgeschermd van Gods liefde. Hij wil ons met andere woorden dus allemaal in de hel, volledig van Gods liefde afgekeerd. Al vanaf het begin van de schepping (denk aan het verhaal van Adam en Eva met Satan als de slang) wil hij ons door zijn verleidingen van God wegbrengen. Sluw als hij is doet hij dit natuurlijk vooral geleidelijk aan, zodat we er vrijwillig in trappen en ons meer en meer van God verwijderen. Volgens Franciscus werkt de Duivel in drie stappen. Eerst plant hij het kwaad in ons, het idee, een verleiding. Dan voedt hij het, laat het groeien en overgaan op anderen. Tot slot wordt het zo groot en is het kwaad zo verspreid over de samenleving dat we het gaan aanvaarden en rechtvaardigen.

Het moet niet verbazen dat de paus ons zo vaak wil duidelijk maken dat de Duivel wel degelijk bestaat. Als we ons bewust zijn van de Duivel, zullen we van nature ook meer op onze hoede zijn voor zijn verleidingen. We moeten ons altijd afvragen wat goed is en kwaad. God wil dat we allemaal gered worden, dat we de Weg van zijn liefde kennen. We moeten ons dus steeds de vraag stellen, wat is het wat God wil en dat doen we door naar het evangelie te kijken en naar de handelingen van Christus, niet door mee te lopen met wat de maatschappij op dat moment aanvaardbaar vindt.

Wat is dat ronde dingetje boven die engel?

Yasmina, 5 verzorging, BSO

Angel-of-God

Wat is nu dat ronde dingetje rond het hoofd van heilige X of engel Y ? Het is een vraag die regelmatig gesteld wordt. Je ziet deze ronde schijven of ringen inderdaad telkens weer terug bij heiligenbeelden of -schilderijen. “Natuurlijk zijn dit niet zomaar rondjes of ringetjes, maar gaat het over wat we in christelijke traditie een aureool of ook wel nimbus noemen. Misschien heb je er ook al wel over gehoord met de Engelse benaming ‘halo’ (nu weet je meteen waar dat liedje van Beyonce met de gelijknamige titel over gaat).

Het is niet toevallig dat we deze telkens weer zien terugkomen bij heiligen of engelen, want de aureool is net een symbool van de heiligheid of goddelijkheid. Het maakt ons dus duidelijk dat de persoon die in een beeld of op een prent wordt uitgebeeld “heilig” is. Vooral in de Middeleeuwen was dit handig. Heel wat mensen konden in die tijd nog niet lezen, maar door de aanwezigheid van een aureool wist men dan toch dat het over een heilige ging.

De aureool is trouwens niet typisch christelijk, want ook ik andere levensbeschouwingen worden aureolen al dan niet in een andere vorm gebruikt om het goddelijke karakter van personen, wezens of goden te benadrukken. Zo komt het terug bij de Romeinse god Mithras, maar ook in het hindoeïsme en in afbeeldingen van profeten in sommige stromingen van de islam.

GoddevaderIn de christelijke traditie verschijnt de aureool zelfs pas vanaf de 5de eeuw. Oorspronkelijk werd hij enkel bij God en de engelen gebruikt, pas later worden ook apostelen en andere heiligen met een aureool afgebeeld. Meestal gebeurt dit in de vorm van een cirkel die achter of boven het hoofd zichtbaar is, maar ook andere vormen werden in de loop van de geschiedenis gebruikt. Zo zal God de Vader bijvoorbeeld vaak worden afgebeeld met een driehoekige aureool als symbool voor de Heilige Drievuldigheid.

olvHet is dus vooral een toevoeging van de kunstenaar die de heilige afbeeldt die ons iets wil duidelijk maken over de staat van de persoon in kwestie, veel eerder dan dat heiligen in werkelijkheid een aureool zouden hebben zweven boven hun hoofd. Toch is deze lichtkrans misschien niet helemaal uit de lucht gegrepen. Heel wat mensen die Maria zagen verschijnen, spreken immers van een licht dat van haar uit ging. Op de prent hieronder lijkt Maria bijvoorbeeld licht uit te stralen. De manier waarop Maria hier wordt afgebeeld is gebaseerd op een fragment uit de Bijbel dat je terugvindt in de openbaring van Johannes dat hoodstuk 12 vers 1:

 “Er verscheen in de hemel een indrukwekkend teken: een vrouw,
bekleed met de zon
, met de maan onder haar voeten en een krans van twaalf sterren op haar hoofd.”

Ook over andere heiligen lezen in het boek wijsheid hoofdstuk 5,15-16 het volgende :

   ” Maar de rechtvaardigen leven tot in eeuwigheid; de Heer zorgt voor hun loon, de Allerhoogste waakt over hun lot. Daarom ontvangen zij een schitterende kroon en een sierlijke diadeem uit de hand van de Heer…”

Wel gaat het misschien wat ver om uit deze twee citaten te concluderen dat we in werkelijkheid een echte aureool zullen krijgen wanneer we in de hemel komen. De citaten zijn waarschijnlijk vooral symbolisch te interpreteren. De aureolen in de kunst willen vooral benadrukken dat de heiligen een deel van het goddelijke licht reflecteren in de manier waarop ze geleefd hebben. Net zoals elke lamp gemaakt is om licht te geven, is elke mens geschapen om door het Goddelijke Licht bevangen te worden en het door te geven. Onze hoofdbekommernis moet dus niet zijn hoe een heilige er uit ziet, maar hoe we er één moeten worden.

Waarom mogen gescheiden (en hertrouwde) mensen geen hostie?

Vraag van verschillende leerlingen, collega’s, kennissen,…
communion_3
De vraag is vandaag brandend actueel en ik hoor ze dan ook regelmatig de laatste dagen, niet enkel van leerlingen, maar ook van collega’s en mensen uit mijn omgeving. Wat is nu juist het probleem? Waar wringt het schoentje? Ik probeer het opnieuw zo kort en duidelijk mogelijk uit te leggen. Allereerst moet je eerst 3 essentiële standpunten van de Kerkleer kennen:

  • Overspel is een doodzonde: Nogal logisch voor de meeste mensen, en tot hier is iedereen het meestal ook eens met de Kerk. Je echtgenoot(e) bedriegen kan niet. Al van bij de tien geboden wordt erop gehamerd dat het een ernstige overtreding is van God’s wet, maar ook op andere plaatsen in de Bijbel, zoals bij het verhaal van de boetvaardige zondares (Joh 8, 1-11), wordt er stelling genomen tegen overspel.
  • Het huwelijk is onontbindbaar: Katholieken mogen dus niet scheiden. Het kerkelijke huwelijk wordt pas ontboden bij het overlijden van een van de partners. Daarvoor baseert de Kerk zich opnieuw op de bijbel, waarin staat dat wat God verbindt, de mens niet kan scheiden (Mt 19,6). Wie toch een wettelijke scheiding aanvraagt, zal dus kerkelijk nog steeds getrouwd zijn. Dit brengt met zich mee dat wanneer een van de partners uit een kerkelijk huwelijk een nieuwe partner heeft, hij dus zijn eerste partner bedriegt. Ook dit kunnen we heel duidelijk terug vinden in de bijbel (Mt 5, 32).
  • Enkel wie in staat van genade is, kan te communie gaan: Dat wil zeggen dat enkel wie vrij is van doodzonde een hostie mag ontvangen tijdens de mis. Wie een doodzonde heeft begaan, door overspel te plegen, mag de hostie dus niet ontvangen. Dezelfde regel geldt overigens ook voor anderen. Wie nooit naar de mis gaat, steelt of geweld heeft gepleegd is in staat van zonde en daardoor uitgesloten van de communie. Ook deze regel vindt zijn oorsprong in de Bijbel (1Kor 11,27). Voor katholieken is de hostie dan ook meer dan zomaar een stukje brood, het is écht het Lichaam van Christus. Gelukkig hoeft de staat van zonde niet definitief te zijn en is er verlossing mogelijk door het sacrament van de biecht. Wie zijn zonden oprecht opbiecht kan opnieuw tot de staat van genade komen en weer de hostie ontvangen. Dit veronderstelt dan natuurlijk wel dat men de zonde achter zich heeft gelaten.

Wanneer we deze drie elementen optellen komen we dus bij ons antwoord. Een relatie met een nieuwe partner wordt aanzien als overspel waardoor de partners in staat van doodzonde verkeren. Hierdoor kunnen ze niet te communie. Pas als ze hun nieuwe partner verlaten hebben en biechten kunnen ze ook weer het sacrament van de eucharistie (maw. de hostie) ontvangen. Natuurlijk zijn er enkele nuances aan te brengen zo kan wie gescheiden leeft, maar zonder nieuwe partner door het leven gaat in principe wel nog te communie gaan. Verder zijn er ook koppels waarbij het eerste kerkelijke huwelijk ongeldig is verklaard. Dit eerste huwelijk heeft dan in feite nooit bestaan en wanneer deze mensen dan een “nieuwe partner” huwen, kunnen zij vanzelfsprekend ook te communie gaan.

Alles samen klinken deze regels van de Kerk misschien een beetje hard, maar ze vinden allemaal hun oorsprong terug in de Bijbel. Daarnaast zijn ze er ook om de heiligheid van het huwelijk en van Christus zelf (in de Eucharistie) te beschermen. Wanneer de Kerk zou beslissen om tegen een van de bovenstaande regels in te gaan bestaat het gevaar dat ze afbreuk doet aan hetzij het huwelijk, de bijbel of aan Christus zelf.
Dat neemt natuurlijk niet weg dat de Kerk oog moet hebben voor gescheiden en hertrouwde mensen, die zich in deze moeilijke situatie bevinden. Het is de taak van de Kerk om, net zoals Christus, deze mensen tegemoet te gaan en te helpen bij hun moeilijke toch om zich opnieuw te verzoenen met Christus.

Na de blog, nu ook het boek!

Dag beste bezoekers,

Het is ondertussen al een tijdje geleden dat ik nog een nieuwe tekst geplaatst heb op mijn blog. Dat heeft naast het drukke gezinsleven, vooral te maken met het feit dat ik de laatste maanden, samen met mijn collega Bart Van Gheluwe en de mensen van het Davidsfonds, bezig ben geweest om van deze blog een boek te maken. Het boek is ondertussen verschenen en verkrijgbaar in de meeste boekhandels. Ook via onderstaande link kan je hem bestellen.

Alvast bedankt voor jullie vele bezoeken en steun!

Waarom doet meneer pastoor de afwas tijdens de mis?

Auteur :

Giedts Bart, meer info
Prijs :
€ 14.95
Omschrijving :

Mogen katholieken een bikini dragen?
Waarom is de Kerk tegen homo’s?
Mogen nonnekes buiten hun klooster komen?
Wie is de bomma van Jezus?
Waarom houden ze geen popconcerten in de kerk? Dan zouden er toch meer jongeren komen?De Kerk loopt leeg. De jongeren zijn de grote afwezigen, maar dat wil niet zeggen dat ze niet met geloof bezig zijn. Bart Giedts, godsdienstleerkracht in het secundair onderwijs, krijgt dagelijks vragen over christelijke rituelen en gewoontes die voor jongeren vandaag niet meer vanzelfsprekend zijn.

Dit boek bundelt de vijftig meest interessante, grappigste , verrassende maar oprechte vragen van jongeren over de Kerk. Over het kiezen van een nieuwe paus, trouwen voor de kerk en wekelijks naar de mis gaan. Bart Giedts gaat op zoek naar concrete en eerlijke antwoorden. Antwoorden voor zijn leerlingen maar ook voor zijn buren, collega’s, vrienden en familie. Kortom, antwoorden voor iedereen die op zoek is naar duidelijkheid over geloof.

Voor leerkrachten: download hier het lesdossier dat bij het boek hoort.
Bart Giedts vertelde op Radio 1 over zijn boek.

ISBN nummer :
978 90 5826 998 0
  Download hier het lesdossier! – 3164 kb
:: Bestel

Tellen de sacramenten wel als je ze krijgt van een zondige priester?

Tellen de sacramenten wel als je ze krijgt van een zondige priester?
Vicky 7 Organisatie-assistentie, bso

Wanneer ik in een les over het priesterschap vertelde dat priesters celibatair moeten leven,  kreeg ik deze opnieuw goeie vraag. Vicky vertelde me dat ze haar vormsel had gekregen van een priester.
Hoewel het vormsel op zich moet worden toegediend door een bisschop, hoeft dit op zich geen probleem te zijn, want in nood mag de bisschop ook aan een priester de toestemming geven om het vormsel toe te dienen. Waarschijnlijk was dat dus ook hier het geval. Wat bij Vicky echter meer op de maag lag was dat het een priester was waarvan achteraf bleek dat hij toch een relatie had. Vicky vroeg zich dus bezorgd af of  haar vormsel eigenlijk nog wel geldig was, als haar vormheer in zonde had geleefd wanneer deze haar het vormsel had toegediend. Met andere woorden, tellen sacramenten nog als we ze krijgen van een zondige priester?

Gelukkig heeft de Kerk goed nieuws voor Vicky. De geldigheid van de sacramenten hangt niet af van de “heiligheid” van de bedienaar (=de persoon van wie je het sacrament “krijgt”). Ze zijn dus ook geldig als ze door een priester of bisschop die in staat van zonde is, worden toegediend. Dit komt omdat de kracht van de sacramenten niet van de heiligheid van de priester afkomstig is, maar uit de heiligheid van Christus komt, die in de priester werkt. De kracht is dus niet van de priester zelf, maar van Christus afkomstig. Zolang de priester de bedoeling had om het sacrament toe te dienen zoals de Kerk dat doet, is het sacrament geldig, ongeacht zijn eigen zondigheid.

Je zou het een heel klein beetje kunnen vergelijken met iemand die een lening gaat vragen in de bank. Deze lening kan hij dan verkrijgen via een medewerker van de bank die alles voor hem in orde brengt. Het geld is echter afkomstig van de bank zelf en niet van de medewerker in kwestie. Het zou dus best kunnen dat de medewerker zelf heel wat schulden heeft, maar dat heeft geen invloed op de lening die jij met de bank afsluit.

Dat de sacramenten niet afhankelijk zijn van de heiligheid van de priester, wil natuurlijk niet zeggen dat priesters niet hun uiterste best moeten doen om toch heilig te leven. Het is niet alleen hun plicht als katholiek, maar ze vervullen bovendien ook nog een voorbeeldfunctie. Ze zijn de herders van hun kudde die bestaat uit de parochianen . Een slechte priester kan niet alleen zijn parochie, maar ook de hele Kerk ernstige schade toebrengen, denk  bijvoorbeeld maar aan de schade die door pedofiele priesters werd aangebracht.

Samengevat kunnen we dus stellen dat ook sacramenten van zondige priesters geldig zijn. De priester geeft het sacrament niet uit eigen kracht, maar als vertegenwoordiger van Christus die van Hem de kracht gekregen heeft deze sacramenten toe te dienen.  Toch blijft het de verantwoordelijkheid van elke katholiek en van de priester in het bijzonder, om een waardige vertegenwoordiger van de Kerk en Jezus te zijn, door een goed en heilig leven te leiden.

Afbeelding

Met wie hebben de kinderen van Adam en Eva zich voortgeplant?

Met wie hebben de kinderen van Adam en Eva zich voortgeplant?

Kelly en Natacha, 5 Organisatiehulp, bso

Hoe zat dat nu eigenlijk? Adam en Eva waren de eerste mensen, die door God werden geschapen. Ze kregen na Kain en Abel nog heel wat kinderen, maar hoe ging het dan verder? Schiep God nog wat mensen zodat ook zij zich konden voorplanten of deden ze dat met elkaar? Als dat het geval is, spreken we over incest, wat toch eigenlijk niet mag.

Hoewel het scheppingsverhaal dat we in de Bijbel kunnen lezen door ons als katholieken niet letterlijk moet genomen worden, geloven we toch wel dat de hele mensheid afstamt van Adam en Eva. Dat betekent dus ook dat hun eerste kinderen binnen het gezin op zoek moesten naar een partner om zich voort te planten en dus technisch gezien incest pleegden.

De Kerk is tegenwoordig echter heel strikt in zijn wetgeving en incest is duidelijk verboden. Niet alleen broer en zus, maar ook andere dichte familieleden, mogen volgens het kerkelijk recht niet met elkaar trouwen en dus ook geen gemeenschap hebben.
Toch gingen de kinderen van Adam en Eva niet in de fout. Het verbod op incest kwam pas vele jaren na de tijd van Adam en Eva. Het werd door God zelf opgelegd toen er al lang genoeg mensen waren om buiten de dichte familie een partner te zoeken. Hij gaf Mozes toen de volgende leefregel:

“De schaamte van uw zuster, een dochter van uw vader of van uw moeder, in uw familie of daarbuiten geboren, mag u niet ontbloten.”
(Lev 18:9)

Hiermee wordt dus in Bijbelse bewoordingen verklaard dat seksualiteit binnen dezelfde familie uitgesloten is. Daarmee neemt God de mensheid op zich in bescherming, want verscheidenheid in genen sterkt de mensheid tegen gevaren zoals ziekten en het verkleint de kans dat genetische afwijkingen zich manifesteren en zo negatieve lichamelijke of geestelijke gevolgen kunnen hebben voor kinderen. Kinderen van verwante ouders hebben immers meer kans om misvormd of bijvoorbeeld met leerproblemen geboren te worden, omdat ze uit te gelijkaardige genen voortkomen. (Hoe dit biologisch in elkaar zit lees je hier)

Of er nu ook bij de kinderen van Adam en Eva baby’s met een afwijking werden geboren is niet zeker. Ze worden alleszins niet vermeld in de Bijbel. Misschien was de kwaliteit van de genen ook iets beter aan het begin van de mensheid en doken afwijkende genen pas later in onze ontwikkeling op, maar ook dat is dus niet zeker.

Samengevat moesten de kinderen van Adam en Eva dus inderdaad binnen het gezin op zoek naar een partner om zich voort te planten. Toch zondigden ze hiermee niet, want incest werd pas een hele tijd later verboden en dat is het nu nog steeds.

Afbeelding

Wat zegt de Kerk over euthanasie?

Wat zegt de Kerk over euthanasie?
David A., 7 thuis en bejaardenzorg. BSO

Een goede vraag van David, één die zeker gezien de aard van zijn opleiding beantwoord moet worden.  Samengevat kun je zeggen dat de Kerk tegen euthanasie is omdat ze gelooft dat God en niet de mens over leven en dood moet beslissen. Toch is het goed dat we het fenomeen van dichterbij gaan bekijken, want alleen de algemene regel op zich zegt niet veel.

Als je over Euthanasie wil praten moet je eigenlijk eerst het begrip verklaren. Het woord ‘euthanasie’ betekent eigenlijk ‘de goede dood’.  Is de Kerk dan tegen een goede dood? … Nee, maar daar ligt juist het probleem: een goede dood is in de ogen van een katholiek niet hetzelfde als wat het voor een niet-gelovige westerse mens is. Voor de niet-gelovigen is een goede dood vooral een dood zonder lijden: bijvoorbeeld plots sterven in je slaap. Voor gelovigen sterf je daarentegen een goede dood wanneer je voordat je  sterft je hebt kunnen verzoenen met God. Als je dus voor je stervensuur hebt kunnen biechten en de laatste sacramenten hebt ontvangen bijvoorbeeld. Een goede dood kan volgens gelovigen dus ook wanneer men wel lijdt. Het lijden kan ons zelfs in staat stellen om dichter bij God te komen en ons met God verbonden te voelen: ook Christus leed erg tijdens de laatste uren voor Zijn dood. Het kan ook een manier zijn om ons tot inzicht te doen komen of een manier om boete te doen.

Toch betekent dit niet dat we het lijden moeten zoeken, of niets mogen doen om lijden tegen te gaan. Ook Christus liet zich troosten en verzorgen door de Heilige Veronica op weg naar het kruis en de Kerk heeft zich in heel de geschiedenis altijd voor de lijdende mensen ingezet. Het bestrijden van lijden van anderen is zowat de belangrijkste taak van een Christen en misschien ook wel het beste antwoord op euthanasie. Heel wat mensen die vragen om euthanasie vragen eigenlijk vooral om van het lijden verlost te worden en om troost. Het komt ook vaker voor bij eenzame mensen die niet met de liefde en zorg worden omringd , die ze eigenlijk als mens verdienen. Net zoals bij zelfmoord is het in de eerste plaats dus een hulpkreet en niet een verlangen om dood te zijn. Er echt zijn voor lijdende mensen, met liefde en aandacht, is dus essentieel. Daarnaast mag natuurlijk het lijden ook worden weggenomen of verlicht door pijnstillers, zelfs wanneer deze het leven korter zouden maken (zolang ze maar niet rechtstreeks leiden tot de dood, zoals bijvoorbeeld een zware overdosis morfine, waardoor een patiënt plots zou sterven). Ook palliatieve sedatie, waarbij de patiënt in een kunstmatige coma wordt gebracht om de pijn te verzachten, is toegestaan.

De kwestie ‘euthanasie’ is eigenlijk steeds ingewikkelder geworden. Dat heeft veel te maken met de moderne geneeskunde. Mensen worden veel ouder en kunnen langer in leven gehouden worden, wat natuurlijk positief is. Langs de andere kant kan het er ook voor zorgen dat het lijden van de mens langer aansleept en dat er soms sprake is van therapeutische hardnekkigheid.  Hierover spreken we wanneer men koste wat het kost een leven wil rekken waarvan de situatie toch uitzichtloos is. Stel je bijvoorbeeld persoon X voor. X heeft een zware, ver gevorderde vorm van kanker. Hij zal hoogstwaarschijnlijk een pijnlijke dood sterven binnen enkele weken. X heeft ook een hoge kans op hartaanvallen, waaraan hij kan sterven. Wanneer nu een dokter zou beslissen om X een pacemaker te geven om deze hartaanvallen op te vangen, spreken we over therapeutische hardnekkigheid. Hij laat iemand immers een operatie voor een pacemaker ondergaan, die enkel zijn doodstrijd zal verlengen. De Kerk is dan ook erg tegen therapeutische hardnekkigheid gekant en het is in België bij wet verboden

De Kerk maakt zich vele zorgen in verband met euthanasie.  Vooral omdat het de zwakkeren in de maatschappij erg kwetsbaar maakt. Mensen die eenzaam zijn zouden er sneller voor kunnen kiezen. Arme mensen zouden in een positie kunnen komen waarop ze  niet meer durven kiezen voor een lange ziekenhuisopname die veel duurder is dan euthanasie omdat ze hun nabestaanden willen sparen.  Daarnaast is het ook zo dat de wet op euthanasie steeds losser wordt. Het gevaar bestaat dat nu ook mensen die psychisch lijden in de vorm van zware depressies  euthanasie zullen kunnen gebruiken als medisch begeleide zelfmoord. Tot slot maakt de kerk zich nog het meeste zorgen over zij die gekozen hebben voor euthanasie, want wat gebeurt er met hen in het leven na de dood? Ook op dat vlak zijn er veel overeenkomsten met mensen die zelfmoord plegen.

Laat ons dus als christenen in het algemeen en voor mensen die net zoals David kiezen voor een carrière in de zorgsector in het bijzonder vooral onze aandacht vestigen op het verminderen van het lijden, op empathie en op echte zorg want het is onze taak om te tonen dat je mensen niet met de dood behandelt, maar met liefde.

Afbeelding

Waarom houden ze geen popconcerten in de kerk ?

Waarom houden ze geen popconcerten in de kerk? Dan zouden er toch meer jongeren komen?

 David, 7 thuis- en bejaardenzorg, BSO

 De kerken in ons land zijn ’s zondags vooral gevuld met mensen boven de vijftig jaar oud. Jongeren zie je niet of heel weinig. David vroeg zich daarom af of popmuziek de jeugd niet opnieuw naar de kerk zou brengen. Misschien geen slecht idee op het eerste gezicht, maar klopt dat wel?

Om dat te kunnen weten, moet je natuurlijk eerst iets weten over muziek in de kerk. Jullie weten waarschijnlijk allemaal wel dat er wel degelijk muziek gebruikt wordt in de kerk. Deze muziek is er echter niet om de mis voor ons “plezant” te maken, de priester tijd te geven om uit te blazen of om een beetje afwisseling te hebben tijdens de viering. Het heeft vooral als doel om ons te helpen het bidden mooier en inniger te maken. De Heilige Augustinus zei al dat wie zingt, twee keer bidt. Muziek kan er ook voor zorgen dat we dieper geraakt worden door wat er in de mis gebeurt. Dat is eigenlijk een beetje hetzelfde als muziek in films of games. Door de achtergrondmuziek worden de spannende momenten nog spannender en worden de emotionele momenten extra emotioneel. Dit wil ook zeggen dat de muziek die je gebruikt moet passen bij de emotie die je wil versterken. Wanneer je in het computerspel “Medal of Honor” als soldaat deelneemt aan de landing in Normandië, speelt op de achtergrond niet de muziek van “Tetris” , wat de sfeer zou verpesten. We kunnen ons dus afvragen of popmuziek in de kerk, wel de juiste gevoelens bij ons zou oproepen en ons zou helpen bij het bidden. Daarbij komt ook nog eens dat de teksten van vele popliedjes meestal niet tot God gericht zijn, maar eerder tot “wereldse dingen” zoals geld, populariteit of onkuisheid. Verder zijn er wel mooie liedjes over liefde, maar die gaan dan eerder over de liefde voor een partner en niet over de liefde voor God of de medemens in het algemeen. Ook op het vlak van teksten worden we dus niet meteen dichter bij God gebracht.Wanneer teksten wel gepast zijn,zoals bijvoorbeeld het geval kan zijn bij gospel, mogen deze liedjes gebruikt worden, zolang de muziek gepast is en de aandacht niet wegnemen van God of ons gebed.

Op zich is het zeker niet verboden om moderne muziek te gebruiken in de kerk of tijdens de viering, maar muziek moet er in de eerste plaats zijn om ons tijdens de viering dichter bij God te brengen door de gevoelens die het bij ons oproept. Muziek mogen we dus in de eerste plaats niet gebruiken als doel op zich, om meer mensen naar de kerk te lokken of om ons even te ontspannen tijdens de misviering.
Je zou je dan de vraag kunnen stellen of we na de misviering de kerk niet zouden kunnen gebruiken als concertzaal om popmuziek te spelen en zo jongeren dichter bij de kerk te brengen, maar ook dat is niet de bedoeling. De kerk is een huis van God, waarin God zelf aanwezig is in het tabernakel. Wie er binnengaat zou dat moeten doen omdat hij zich naar God wil richten en niet om zich te richten tot een zanger of ander idool. Het zou ook andere negatieve gevolgen hebben: stel je maar eens voor hoe de kerkvloer er na zo’n concert zou uitzien (vertrapte plastieken bierbekers inbegrepen). Het is verder dan ook maar de vraag of dit initiatief de jongeren ook na het concert naar de kerk zou brengen.

David is in ieder geval niet de eerste met het idee, want er zijn al heel wat mensen geweest die op dit vlak experimenten hebben gedaan, vooral dan in de late jaren ’60 en in de jaren ’70. Er werden dan wel eens pop-missen gehouden om de jongeren aan te sporen om naar de kerk te komen. Toch lijkt het erop dat deze experimenten vooral een negatief gevolg hadden en dat ze de jongeren eerder hebben weggejaagd dan naar de kerk hebben gebracht. Jongeren die echt op zoek waren naar God bleven weg omdat ze zich stoorden aan de muziek die hen niet dichter bij God bracht. En jongeren die op zoek waren naar popmuziek bleven weg omdat de ‘kerkelijke’ popmuziek teleurstellend was van kwaliteit in vergelijking van wat ze buiten de kerk vonden.

Jongeren naar de kerk lokken met ‘popmuziek’ tijdens vieringen lijkt me dus geen goed idee. Veel beter zou het zijn dat we als Kerk aanwezig zouden zijn op festivals en andere evenementen voor jongeren. Op heel wat festivals vind je infostands van bijvoorbeeld uitzendkantoren als Randstad, dranklabels als Jack Daniels en gsm-operatoren als Proximus. Ook andere initiatieven (zoals  bvb. Sensoa die met hun “condoommobiel”) willen jongeren voorlichten op de festivals. Ik weet dat dit niet het meest wenselijke initiatief is vanuit katholiek oogpunt, maar net daarom zou het goed zijn dat we als katholieke Kerk hier een tegengewicht aan geven. Met een infostand of infobus waarin jongeren terecht kunnen met vragen of zelfs voor de biecht zouden we als Kerk echt aanwezig kunnen zijn bij de jongeren. Op deze manier in de voetsporen treden van de apostelen zou vele kansen kunnen bieden, meer dan het afspelen van Chris Brown of Rihanna tijdens een eucharistieviering.

 Afbeelding

Wat is het verschil tussen katholieken en protestanten?

“Wat is het verschil tussen katholieken en protestanten?”
Verschillende leerlingen, verzorging en organisatiehulp, BSO

Het is een vraag die regelmatig terugkomt. Ik behandel ze dan ook uitgebreid in het 6de jaar. Toch is ze niet zo gemakkelijk te beantwoorden.

Eenheid 

Het is vrij gemakkelijk om iets over de katholieke Kerk te zeggen, omdat die één structuur heeft. Je hebt weliswaar kleine verschillen van land tot land en van gemeenschap tot gemeenschap. Zo kan je bijvoorbeeld kleine verschillen merken bij het vieren van bepaalde feesten. Toch heeft elke katholiek  dezelfde leider en deelt hij dezelfde leer (geloofspunten). Bij protestanten is dat niet zo: er zijn wel meer dan 5000 verschillende soorten van protestantisme. Dat maakt het dus moeilijk om algemene uitspraken te doen. De eenheid is dus meteen al het eerste verschil. Ze is er wel binnen de katholieke Kerk , maar niet bij de protestanten.

Heilig

Het tweede verschil ligt hem in de heiligheid. Katholieken geloven dat de kerk heilig is, omdat de Heilige Geest er in werkt en de leden van de Kerk tot heiligheid brengt, onder meer door het toedienen van de sacramenten. Bij protestanten is dat vaak anders: ze geloven niet altijd dat de kerk op zich heilig is of dat ze nodig is om heilig te worden. Protestanten hebben buiten het doopsel dan ook meestal geen sacramenten zoals we die in de katholieke Kerk wel hebben. Protestanten geloven ook niet altijd in heiligen. Zelfs Maria wordt bijvoorbeeld door vele protestanten niet als heilig beschouwd. Je zal in de meeste protestantse gebedshuizen dus geen beelden (van heiligen) vinden, dit in tegenstelling tot katholieke kerken waar je wel heiligenbeelden vindt.

Algemeen

Een derde aspect is dat de katholieke kerk… katholiek is. Klinkt een beetje logisch natuurlijk, maar het heeft met de letterlijke betekenis van het woord ‘katholiek’ te maken. Katholiek betekent eigenlijk ‘algemeen’. Dat houdt in dat de Kerk voor iedereen gesticht is, ongeacht je afkomst, leeftijd, geslacht of achtergrond en dat de leer ook voor iedereen en over de hele wereld hetzelfde is. Bij protestantse gemeenschappen is dat over het algemeen ook zo, maar er zijn uitzonderingen: sommige gemeenschappen sluiten bijvoorbeeld mensen van joodse of Afrikaanse afkomst uit. Andere protestantse gemeenschappen verschillen sterk in geloofsleer naargelang hun vestigingsplaats op de wereld.

Apostolisch

Een vierde verschil ligt hem in het feit dat de katholieke Kerk apostolisch is. Ze is met andere woorden ontstaan uit de apostelen. Hun leer wordt nog altijd verkondigd onder de leiding van hun opvolgers. Deze opvolgers zijn de bisschoppen en de paus. Vele protestantse gemeenschappen hebben deze bisschoppen niet, of toch geen wettelijke opvolgers van de apostelen. Ook hebben protestanten vaak geen priesters, maar dominees. Deze zijn in tegenstelling tot priesters, meestal wel gehuwd of kunnen zelfs van het vrouwelijke geslacht zijn. Protestanten geloven ook niet alle geloofspunten die door de apostelen en hun opvolgers werden doorgegeven, want ze erkennen enkel de bijbel als geloofsbron.

Samengevat

De essentiële kenmerken van de katholieke Kerk zijn dat ze één, heilig, katholiek en apostolisch is. In protestantse gemeenschappen is er telkens minstens één van deze eigenschappen niet aanwezig waardoor ze voor de katholieke Kerk dus ook niet erkend worden als deel van de ware Kerk van Christus.

images